- Locatie
Raadzaal gemeentehuis Schipluiden
- Voorzitter
- Roeling, E.N.H.
- Toelichting
-
De Voorzitter gaat ervan uit dat alle technische en informatieve vragen over op de agenda staande onderwerpen al gesteld zijn aan het college of via de mail worden gesteld, zodat de vergadering hiermee niet wordt belast.
Uitzending
Agendapunten
-
1Opening
-
2
INSPREEKMOGELIJKHEDEN
Voor onderwerpen die op de agenda staan bestaat de mogelijkheid om de commissie toe te spreken aan het begin van het betreffende agendapunt.
Voor onderwerpen die NIET op de agenda staan bestaat aan het begin van de vergadering een mogelijkheid om de commissie toe te spreken.
De spreektijd is bepaald op maximaal 5 minuten per spreker. -
3
Bijlagen
-
4
De leden van de commissie worden in de gelegenheid gesteld om aan het college vragen te stellen over onderwerp(en) die niet op de agenda staan. De vragen dienen ter verduidelijking van een actuele zaak of ter verkrijging van een opiniërend oordeel van het college(lid). U wordt verzocht om de vraag minimaal 36 uur voorafgaande aan de vergadering aan de griffie door te geven.
Bijlagen
-
5
Portefeuillehouder: P.G.M. Houtenbos
Vlak voor de zomervakantie heeft het college de raad geïnformeerd over de stand van zaken van dit onderwerp (brief 24-06-2014 nr A 087) en vervolgens u in het bezit gesteld van het door de heer Sant opgestelde rapportage (brief d.d. 02-07-2014 nr A 089). De bijlagen bij het rapport treft u aan bij de stukken van de raad d.d. 15-07-2014, agendapunt 2 Regeling der Werkzaamheden, agendapunt 2A-89 bijlagen.
Het college heeft hierbij aangegeven om na het zomerreces een inhoudelijk voorstel aan u voor te leggen.
Het businessplan is als een aparte bijlage onder punt 5.1 toegezonden.
Het document is als geheim bestempeld vanwege de ingevoegde grondexploitatie.
Het DB/AB van het Bedrijvenschap is het bevoegde orgaan om het businessplan vast te stellen. Zie voor een verdere toelichting punt 5.1Bijlagen
-
6
Portefeuillehouder: G.D. van Oord
De eigenaar van het glastuinbouwbedrijf aan de Oostgaag 9 heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor een nieuwe bedrijfswoning. Bij het bedrijf is reeds een bedrijfswoning aanwezig. Na realisatie van de nieuwe woning wordt deze bestaande woning gesloopt. De nieuwe woning is op een andere plaats geprojecteerd. Bij de behandeling van het bestemmingsplan in de commissie in juni 2013 is door uw raad aangegeven dat u instemt met de bouw van een nieuwe bedrijfswoning op een andere plaats.
Het bouwplan voldoet echter niet aan de algemene (verplaatsings)voorwaarden in het bestemmingsplan Buitengebied Gras. Gelet op de door de raad in juni 2013 uitgesproken positieve grondhouding wordt het voorstel gedaan om medewerking te verlenen aan dit bouwplan en de procedure tot afwijking van het bestemmingsplan te starten.Bijlagen
-
7
Portefeuillehouder: G.D. van Oord
De exploitanten van de plattelandswinkel Boerenbont aan de Kortebuurt 16 in Maasland willen een nieuw winkelgebouw realiseren in combinatie met een theeschenkerij en vier bedandbreakfast eenheden. Zij hebben voor deze ontwikkeling een aanvraag om een omgevingsvergunning ingediend. De ontwikkeling past in de gemeentelijke visie van de Maaslandse Poort. Wij stellen u daarom voor om medewerking te verlenen aan dit bouwplan en de procedure tot afwijking van het bestemmingsplan te starten, zodat de omgevingsvergunning kan worden verleend.Bijlagen
-
8
Portefeuillehouder: G.D. van Oord
De bedrijfsactiviteiten van het bedrijf aan de Gaagweg 24 in Schipluiden zijn verplaatst naar een andere locatie. De eigenaar wil de bedrijfswoning als burgerwoning gebruiken en op deze locatie een duurzaam kampeerterrein realiseren. Dit gebruik van de gebouwen en de grond is in strijd met het bestemmingsplan. Nu de inspraakprocedure is doorlopen stellen wij u voor om ten behoeve van deze ontwikkelingen het bestemmingsplan “1e herziening Buitengebied Gras: Gaagweg 24 in Schipluiden” vast te stellen.Bijlagen
-
9
Portefeuillehouder: G.D. van Oord
De voormalige boerderij aan de Schieweg 180 in Schipluiden staat leeg. De zorgactiviteiten zijn verplaatst. Het gebouw wordt daarom verkocht.
De kandidaat-kopers willen de voormalige boerderij gaan gebruiken als burgerwoning. Het wonen wordt gecombineerd met het verlenen van mantelzorg aan twee familieleden. Ook willen zij een bijgebouw gebruiken als bijeenkomstruimte voor groepen mensen met een beperking. Er is nog steeds sprake van een maatschappelijke functie. Deze zorgfunctie is echter ondergeschikt aan de woonfunctie.
Nu de inspraakprocedure is doorlopen stellen wij u om de genoemde ontwikkeling mogelijk te maken door het bestemmingsplan 2e herziening Buitengebied Gras: Schieweg 180 in Schipluiden vast te stellen.Bijlagen
-
10
Portefeuillehouder: P.G.M. Houtenbos
Artikel 12 van de Woningwet bepaalt dat het college jaarlijks verslag over het welstandsbeleid doet aan de gemeenteraad . Het college beschrijft in dat verslag wat zij hebben gedaan met de adviezen van de onafhankelijke commissie ruimtelijke kwaliteit (welstandscommissie). Daarnaast meldt het college in welke gevallen zij handhavend heeft opgetreden tegen bouwwerken die in ernstige mate in strijd zijn met redelijke eisen van welstand. Ter voldoening aan dit wettelijk vereiste ontvangt u hierbij de verslagen over de jaren 2012 en 2013.
De gemeenteraad ontvangt elk jaar ook een zelfstandig jaarverslag van de onafhankelijke commissie ruimtelijke kwaliteit (welstandscommissie) van Dorp, Stad en Land (DSL). De eerder uitgebrachte verslagen over 2012 (ontvangen juni 2013) en 2013 (ontvangen mei 2014) treft u eveneens aan.Bijlagen
-
11
Portefeuillehouder G.D. van Oord
Het college stelt de raad periodiek op de hoogte van de stand van zaken.
Op verzoek van fractie Mijn Partij (raad 24 juni 2014) is het onderwerp Abtswoude 52 geagendeerd.Bijlagen
-
12
Portefeuillehouder: A.J. Rodenburg
De rijksregelgeving bepaalt voor welke overtredingen en onder welke omstandigheden voertuigen mogen worden verwijderd. Het gaat hierbij om de situatie waarin met een voertuig een met name genoemde verkeersregel wordt overtreden (de Wegenverkeerswet 1994 of het hierop gebaseerde Reglement Verkeersregels Verkeerstekens). Sinds 2010 heeft onze gemeente een wegsleepverordening. Deze verordening bepaalt voor welke wegen binnen onze gemeente de wettelijke wegsleepregeling van toepassing is. Ook legt de verordening vast waar de opslaglocaties zijn en welke tarieven gelden voor het overbrengen en bewaren van voertuigen.
De gemeente wil voor de uitvoering van de wegsleepregeling om praktische redenen samenwerken met Vreugdenhil Berging BV. Deze samenwerking brengt met zich mee dat de wegsleepverordening moet worden aangepast, voor met name de locatie van de bewaarplaats en de tarieven voor wegslepen en bewaren.
Bijlagen
-
13
Portefeuillehouder: H.H.V. Horlings
Naar verwachting treedt op 1 januari 2015 de Wet afschaffing plusregio’s in werking. In overleg met de andere deelnemende gemeenten is het voorstel het Stadsgewest Haaglanden op te heffen. Dit sluit aan op de voorstellen tot oprichting van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. Voorstel aan de gemeenteraad is om te stemmen met de opheffing van het Stadsgewest Haaglanden en het liquidatieplan.Bijlagen
-
14
Portefeuillehouder: H.H.V. Horlings
Regionaal is de afspraak om de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) op 1 januari 2015 als zelfstandige organisatie te laten functioneren. Hiervoor is het nodig dat de nieuwe organisatie beschikt over een begroting, een formeel vastgesteld beleidskader en diverse organisatorische verordeningen en regelingen.Bijlagen
-
15
Portefeuillehouder: H.H.V. Horlings
De huidige Aanbestedingsrichtlijn dateert van februari 2005. In deze richtlijn zijn de spelregels opgenomen die de gemeente hanteert bij aanbestedingen van werken, diensten of leveringen. Vanwege (o.a.) nieuwe regelgeving is de Aanbestedingsrichtlijn aan herziening toe.
Een drietal (nieuwe)regelingen die deze herziening noodzakelijk maken zijn:
- De Aanbestedingswet;
- Gids proportionaliteit;
- VNG model Inkoop- en aanbestedingsbeleid.
Aanpassen huidige Aanbestedingsrichtlijn is ook nodig vanwege:
- Professionaliseren van inkopen en aanbesteden;
- Eenduidige manier van inkopen door de hele organisatie;
- Nieuwe Europese Drempelbedragen (worden elke twee jaar opnieuw vastgesteld);
- Juridisch waarborgen van het inkoopproces.
Bijlagen
-
16.a
Portefeuillehouder: A.M.J. de Goede – van Tiel
Met ingang van 1 januari 2015 wordt de gemeente verantwoordelijk voor nieuwe taken op het gebied van de Wmo,voor de jeugdzorg en voor de Participatiewet. In het beleidsplan worden de ambities beschreven voor de inrichting van het sociale domein op de korte termijn en op de langere termijn. Het college heeft een concept beleidsplan opgesteld.
Op grond van de Gemeentewet/Inspraakverordening zal de raad thans een beslissing moeten nemen over het doorlopen/starten van de inspraakprocedure.
Na het doorlopen van deze procedure zal medio november 2014 de vaststelling van het beleidsplan aan de orde zijn.Bijlagen
-
16.b
Portefeuillehouder: A.M.J. de Goede – van Tiel
Per 1 januari 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor jeugdzorg en worden aan de Wmo nieuwe taken toegevoegd (bijvoorbeeld dagbesteding). De strekking van beide wetten komen goed overeen: uitgaan van eigen kracht en de inzet van het sociale netwerk. Daarom is besloten om een integraal beleidsplan op te stellen, inclusief de nieuwe participatie wet (het 3D beleidsplan). De verordeningen Wmo en jeugdhulp zijn niet samengevoegd omdat beiden onder andere wetten vallen. Dit is ook in lijn met de modelverordeningen van de VNG.
De basis voor beide verordeningen zijn de modelverordeningen van de VNG. We hebben samengewerkt op regionaal niveau (H4: Delft, Midden-Delfland, Rijswijk en Westland) en de Wmo verordening zowel inhoudelijk als juridisch op elkaar afgestemd. Voor de verordening maatschappelijke ondersteuning hebben we deels kunnen baseren op de oude Wmo verordening. Jeugdhulp is nieuw en kent strengere juridische kaders doordat de gemeente ook verantwoordelijk wordt voor de veiligheid van het kind.
De wet geeft een aantal keuzemogelijkheden voor de invulling van de verordeningen. Deze keuzes zijn voor elke verordening in een keuzenotitie verzameld en voorzien van een advies. Het advies is in de concept verordeningen verwerkt.
Op grond van de Gemeentewet/Inspraakverordening zal de raad thans een beslissing moeten nemen over het doorlopen/starten van de inspraakprocedure.
Na het doorlopen van deze procedure zal medio november 2014 de vaststelling van de beide veordeningen aan de orde zijn.Bijlagen
-
17.a
Portefeuillehouder: A.M.J. de Goede – van Tiel
In maart 2014 bent u geïnformeerd dat de gezamenlijke inkoop van jeugdzorgtaken wordt ondergebracht in een zelfstandig inkoopbureau. Een keuze over de meest wenselijke rechtspersoon moet nog worden gemaakt door de 10 deelnemende gemeenten (H10).
Het inkoopbureau gaat in opdracht van deze gemeenten de inkoop uitvoeren van de benodigde specialistische zorg, Hiervoor met het inkoopbureau beschikken over rechtspersoonlijkheid. In afwachting van de wettelijke mogelijkheden van een bedrijfsvoeringsorganisatie wordt voorgesteld om voor de overbruggingsfase een gemeenschappelijke regeling met openbaar lichaam op te richten. Deze regeling wordt zoveel als mogelijk reeds gestoeld op het bestuurlijke model van de bedrijfsvoeringsorganisatie, zodat na het van kracht worden van de wetswijziging het noodzakelijke aanpassingsbesluit tot omzetting van de figuur van openbaar lichaam in een bedrijfsvoeringsorganisatie eenvoudig kan genomen.Bijlagen
-
17.b
Portefeuillehouder: A.M.J. de Goede – van Tiel
Op 1 januari 2015 treedt de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 in werking. Een aantal extramurale AWBZ functies, die nog wordt gefinancierd vanuit de AWBZ gaat over naar de Wmo. Met de overige H4 gemeenten Delft, Westland en Rijswijk werken we aan de inkoop van deze nieuwe taken. Inmiddels is het onderhandelingsresultaat met de zorgaanbieders bekend en stellen wij u voor om een besluit te nemen over de in te kopen Wmo producten en het inkoopbudget voor de Wmo zorg in natura 2015.Bijlagen
-
18
Portefeuillehouder: A.M.J. de Goede – van Tiel
Omdat het Stadsgewest Haaglanden zeer waarschijnlijk per 1 januari 2015 opgeheven zal worden, gaat de bevoegdheid tot het opstellen van een huisvestingsverordening op dat moment terug naar de gemeenteraad. Om te voorkomen dat er na het opheffen van het Stadsgewest tijdelijk geen huisvestingsverordening (en dus woonruimteverdeelsysteem) is, heeft het Stadsgewest voor alle regiogemeenten een model-huisvestingsverordening opgesteld. Deze verordening is inhoudelijk identiek aan de huidige Regionale Huisvestingsverordening 2012, die de afgelopen jaren naar tevredenheid heeft gefunctioneerd.
Het is nu aan de regiogemeenten (en dus ook aan Midden-Delfland) om deze model-huisvestingsverordening (mutatis mutandis) ongewijzigd vast te stellen. Hierdoor blijft het woonruimteverdeelsysteem ononderbroken in werking en wordt onder andere voorkomen dat woningen niet meer toegewezen kunnen worden na 1-1-2015. Het geeft de regiogemeenten bovendien de tijd om gedurende de 1e helft van 2015 eventuele inhoudelijke wijzigingen aan de verordening op een zorgvuldige manier te bespreken en door te voeren.Bijlagen
-
19Vaststellen advies/besluitenlijst commissie
-
19.a
Bijlagen
-
20
Bijlagen
-
20.a
Bijlagen
-
21Sluiting van de vergadering